± 1575 — heden · van Emden, via Delft en Haarlem, naar de Jordaan

Van Musscher

Eén familienaam, veertien generaties: schilders in de Gouden Eeuw, twijnders en bierkruiers in Haarlem, en de stemmen van Amsterdam — Johnny Jordaan en Willy Alberti waren neven, en allebei kleinzoon van een Van Musscher.

Scroll om door de tijd te reizen

Johannes Vermeer, Gezicht op Delft, ca. 1660 — de stad waar dit verhaal begint

Hoofdstuk I  ·  ± 1575 – 1705

Verf & vernis

Drie generaties schilders, van het atelier van Karel van Mander tot de salons van Amsterdam.

Michiel van Musscher, Zelfportret in het atelier

De naam duikt op in het spoor van de grote Vlaamse vlucht naar het noorden. Emden, net over de Duitse grens, was vanaf ± 1544 hét toevluchtsoord voor protestantse en doopsgezinde gezinnen uit Vlaanderen en Brabant — en dáár, niet in Antwerpen zoals lang werd gedacht, wordt de oudste gedocumenteerde voorvader geboren. Schilder wordt hij, bij de beroemdste leermeester van zijn tijd.

Generatie nul  ·  beredeneerd, niet bewezen

Frans Musschaert

Vlaanderen of Brabant ± 1550  —  vermoedelijk gevlucht naar Emden

Vóór het archief begint, valt er één generatie te beredeneren. Jacobs patroniem «Fransz.» maakt vrijwel zeker dat zijn vader Frans heette, geboren rond 1545–1560. Dat het gezin doopsgezind was en in Emden woonde, past precies op de vluchtelingenstroom uit de Zuidelijke Nederlanden. En de naam zelf? «Mussche» is Middelnederlands voor mus, met het typisch Vlaamse achtervoegsel -aert — een bijnaam voor een klein, druk of kwetterend iemand. De naam is zó zeldzaam dat vrijwel alle dragers verwant moeten zijn. Gedocumenteerd is deze generatie niet. Aannemelijk wél.

1e generatie

Jacob Franz Musschaert

Emden ± 1575/1585  —  Delft 1623  ·  kunstschilder

De stamvader. Geboren in Emden in een doopsgezind vluchtelingengezin, duikt hij in 1593 op in Haarlem: leerling van Karel van Mander — tegelijk met Frans Hals — en lid van het Sint-Lucasgilde. Mogelijk reist hij rond 1600 door Italië («Jacques de Moschero»). In 1603 trouwt hij in Delft met Jannetgen Gerritsdochter, in 1612 wordt hij lid van het Delftse gilde. Hij wordt in 1623 begraven in de Oude Kerk — in de stad die Vermeer veertig jaar later onsterfelijk zou schilderen.

Portret van Karel van Mander
Karel van Mander — zijn leermeester
Zelfportret van Frans Hals
Frans Hals — zijn medeleerling
2e generatie

Jan Jacobsz van Musscher

Delft 1609  —  Sloterdijk 1670  ·  kunstschilder & kruidenier

Leert schilderen van zijn vader, maar houdt er voor de zekerheid een kruidenierswinkel naast. Trouwt Catalijntje Comans uit Rotterdam. Zijn oudste zoon zal de beroemdste schilder van de familie worden.

3e generatie

Michiel van Musscher

Rotterdam 1645  —  Amsterdam 1705  ·  portretschilder

Op zijn vijftiende vertrekt hij naar Amsterdam en schildert zich omhoog tot de meest gevraagde portrettist van de welgestelde grachtengordel. Burgemeesters, kooplieden, geleerden — wie iets voorstelde, liet zich door Van Musscher vereeuwigen. Zijn werk hangt vandaag in het Rijksmuseum, Museum Rotterdam en ver daarbuiten.

Zelfportret van Michiel van Musscher, 1685
Zelfportret, 1685
Portret van Eva Visscher door Michiel van Musscher
Eva Visscher, zijn vrouw — door zijn hand (Rijksmuseum)
3e – 4e generatie

Jacobus van Musscher, vader & zoon

Amsterdam 1665 – 1730  ·  Amsterdam 1699 — Haarlem 1760

Michiels halfbroer Jacobus zet de lijn voort in Amsterdam. Diens zoon — ook Jacobus — laat zich in 1723 doopsgezind dopen en verhuist op 20 april 1729 naar Haarlem. Met die ene verhuizing begint een nieuw hoofdstuk: honderdveertig jaar Haarlem.

Hoofdstuk II  ·  1729 – 1843

Haarlem, met de handen

De penselen verdwijnen. Vier generaties verdienen hun brood als twijnder, bierkruier en schoenmaker.

Gerrit Berckheyde, De Grote Markt van Haarlem, 1671 (Frans Hals Museum)

In Haarlem wordt de familie gewoon volk. Geen ateliers meer maar werkplaatsen, geen opdrachtgevers maar bazen. In de doop- en trouwregisters van de stad volgen we ze van straat tot straat — en precies daar liggen de adressen nog steeds.

5e generatie

Jan van Musscher

Haarlem 1731 — 1812  ·  twijndersknecht  ·  Grote Houtstraat 589

Twijnder: garen ineendraaien, dag in dag uit, in de Haarlemse textielnijverheid. Hij trouwt Elizabeth Kok, woont aan de Grote Houtstraat in wijk 3 en wordt tachtig jaar — een zeldzaamheid in zijn tijd.

De Grote Houtstraat in Haarlem rond 1900
De Grote Houtstraat bij de Anegang, gefotografeerd rond 1900 — anderhalve eeuw eerder woonde Jan hier op nr. 589 (Noord-Hollands Archief)
6e generatie

Jacob van Musscher

Haarlem 1776 — 1841  ·  bierkruier, twijndersknecht  ·  Smedestraat 65

Gedoopt bij de Gereformeerde Gemeente, getrouwd met Maria de Voogd. Als bierkruier sjouwt hij vaten door de binnenstad. De Smedestraat, pal naast de Grote Markt, wordt voor twee generaties het familieadres.

De Smedestraat in Haarlem met zicht op de Sint-Bavokerk
De Smedestraat, kijkend naar de Grote of St.-Bavokerk (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, CC BY-SA 4.0)
7e generatie

Jan van Musscher

Haarlem 1798 — 1871  ·  schoenmaker, agent van politie, ambtenaar

De stamvader van álle huidige takken. Met Cornelia Hessels krijgt hij twaalf kinderen; in 1827 treedt hij in «dienst der Policie». Het gezin verhuist van de Smedestraat naar de Akkerstraat en de Nobelstraat — en zijn kinderen waaieren uit over het land.

Hoofdstuk III  ·  1843 – 1924

Onderweg naar Amsterdam

Een hoornblazer, een weeshuis, en de grootvader van twee volkszangers.

De Mozes en Aäronkerk in Amsterdam, ansichtkaart uit 1902

De negentiende eeuw gooit de familie door elkaar. Vroege dood, weeshuizen, garnizoenssteden — en dan, via Den Haag, de aankomst in de stad die de familie beroemd zal maken.

8e generatie

Hendrik van Musscher

Haarlem 1818 — 1863  ·  palfrenier, huisbediende, huisschilder

Hij wordt maar 44. Na zijn dood gaan zijn vier jongste kinderen naar het weeshuis — een lot dat in die tijd hele families tekende. Maar juist uit deze tak komen straks de zangers.

9e generatie

Jan van Musscher

Haarlem 1843 — 1908  ·  korporaal-hoornblazer, 4e Regiment Infanterie

De eerste muzikant van de familie — al is het in uniform. Als korporaal-hoornblazer bij het Vierde Regiment Infanterie te Leiden trekt hij van garnizoen naar garnizoen: Haarlem, Breda, Tiel, Utrecht, Leiden. Hij trouwt drie keer.

10e generatie

Johannes Hendrikus van Musscher

Haarlem 1871 — Amsterdam 1952

De spilfiguur. Met Alida van Belzen krijgt hij onder anderen Bastiaan (de vader van Johnny Jordaan), Sophia Jacoba (de moeder van Willy Alberti) en Adrianus (de kunstenaar). Eén grootvader, twee legendes van het levenslied.

11e generatie

Adrianus Gerardus van Musscher

Den Haag 1900 — Amsterdam 1981  ·  beeldhouwer, kunstenaar, klusjesman

«Wat zijn ogen zagen, maakten zijn handen.» Hij maakt beelden voor de Mozes en Aäronkerk, bouwt eigenhandig een orgel én een fototoestel, en schildert — twee eeuwen na Michiel duikt het schildersbloed gewoon weer op.

Hoofdstuk IV  ·  1924 – heden

De Jordaan zingt

Twee neven, één grootvader, en de soundtrack van Amsterdam.

Johnny Jordaan op het podium, 1955 (Joop van Bilsen / Anefo, Nationaal Archief)

In 1955 wint een havenarbeiderszoon uit de Jordaan een talentenjacht met Geef mij maar Amsterdam. Zijn echte naam: Johannes Hendricus van Musscher — vernoemd naar zijn grootvader uit hoofdstuk III. Een jaar of wat later staat zijn neef naast hem in de hitlijsten.

12e generatie

Johnny Jordaan

Amsterdam 1924 — 1989  ·  geboren Johannes Hendricus van Musscher  ·  zanger

Zoon van dakdekker Bastiaan. Dé stem van de Jordaan: Geef mij maar Amsterdam, Bij ons in de Jordaan, De parel van de Jordaan. Hij zingt de buurt die verdween en werd er zelf het monument van — op het pleintje aan de Elandsgracht staat zijn borstbeeld, omringd door zijn muzikanten.

Johnny Jordaan signeert zijn boek in een Amsterdamse boekhandel
Signeersessie in boekhandel Jan Haverman, Amsterdam (Bert Verhoeff / Anefo)
Borstbeeld van Johnny Jordaan op het Johnny Jordaanplein
Zijn borstbeeld op het Johnny Jordaanplein, Elandsgracht
12e generatie

Willy Alberti

Amsterdam 1926 — 1985  ·  geboren Carel Verbrugge, zoon van Sophia van Musscher  ·  zanger

De «Tenore Napolitano» van de Jordaan: vanaf 1948 verovert hij Nederland met Italiaans repertoire en met Ik hou van jou, mooi Amsterdam. Zoon van Sophia Jacoba van Musscher — en dus volle neef van Johnny Jordaan.

Portret van Willy Alberti
Willy Alberti (Ron Kroon / Anefo, Nationaal Archief)
13e generatie

Willeke Alberti

Amsterdam 1945  ·  zangeres & actrice

Debuteert als tiener naast haar vader, scoort in 1964 een gouden plaat met Spiegelbeeld en wordt een ster in eigen recht: De Kleine Waarheid, Rooie Sien, en tot op vandaag de podia. De derde generatie die Amsterdam toezingt.

Willeke Alberti in 1962 met een boeket bloemen
Willeke, zeventien jaar oud, 1962
Willy Alberti kust Willeke bij de uitreiking van haar gouden plaat
Een kus van vader Willy bij de gouden plaat voor Spiegelbeeld (Joost Evers / Anefo)
14e generatie

Johnny de Mol

Laren 1979  ·  acteur & presentator  ·  zoon van Willeke Alberti en John de Mol

Zoon van Willeke en televisieproducent John de Mol (Endemol, Talpa). Genoemd naar Johnny Jordaan — de achterneef van zijn moeder. Zo loopt er een rechte lijn van het Sint-Lucasgilde van 1593 naar de televisiestudio's van nu.

Johnny de Mol
Johnny de Mol (Stadsradio Delft, CC BY 3.0)
John de Mol
John de Mol, oprichter van Endemol en Talpa (CC BY-SA 2.5)
Het Johnny Jordaanplein met de borstbeelden van de Jordaanzangers
Het Johnny Jordaanplein aan de Elandsgracht: Johnny Jordaan, Tante Leen, Johnny Meijer en Manke Nelis, in brons bijeen. De buurt vergat hem nooit.

Hoofdstuk V  ·  1820 – heden

De tak die niet zong

Terug naar Willem (1820), de andere zoon uit hoofdstuk II — geen hitlijsten, geen schijnwerpers, maar wél de tak die dit hele verhaal heeft uitgezocht en doorgegeven.

8e – 11e generatie

Van Willem tot Johannes Wilhelmus

Haarlem, 1820 — 1905

Willem (1820), fabriekwerker en huisbediende, vertrekt in 1864 naar Den Haag. Via zijn zoon Jan Willem (1846) en twee generaties Johannes Wilhelmus (1875 en 1905) blijft deze tak in Haarlem gewoon doorleven — trouwen, werken, dopen — terwijl de andere tak de hitlijsten haalt. De jongste Johannes Wilhelmus (25 november 1905 — 1969), thuis ook gewoon Jan, werkte bij uitgeverij De Spaarnestad in Haarlem.

12e generatie

Jan van Musscher · «Jan Tuitjenhorn»

Haarlem 1940  ·  reclameman & familieonderzoeker

De man zonder wie deze pagina niet zou bestaan. Reclameman van beroep en initiatiefnemer van de woonfair «Art of Living» in Alkmaar — maar daarnaast spitte Jan «Tuitjenhorn» van Musscher archieven, registers en aktes door en stelde hij de parenteel samen waarop deze reis is gebouwd. Elke naam hierboven is door zijn handen gegaan.

Jan Tuitjenhorn van Musscher op een familiefoto
Opa Jan, uitgeknipt van een familiefoto (Noordhollands Dagblad)
13e – 14e generatie

Kees (1963) & Jan (1997)

Haarlem 1963  ·  Amsterdam 1997

Kees van Musscher, en zijn zoon Jan — geboren in Amsterdam, de stad waar Michiel schilderde en Johnny zong. De veertiende generatie, en de jongste stamhouder van de naam.

Kees van Musscher
Kees van Musscher — 13e generatie
Jan van Musscher
Jan van Musscher — 14e generatie, stamhouder

14 generaties  ·  ±450 jaar  ·  1 naam

Van een gevlucht gezin in Emden en het atelier van Karel van Mander tot vandaag: schilders, twijnders, bierkruiers, een hoornblazer, een beeldhouwer, twee volkszangers, een reclameman en een familieonderzoeker. De boom groeit door.